2013. Het jaar is voorbij gevlogen!

14-1-2014 | Media, Nieuws, Tijdschriften / Krant

Bijna maandelijks schrijft Ranomi een blog voor Eiffel:

Na het onvergetelijke 2012, met de olympische gouden plakken en alles wat daarna kwam, leek 2013 een lastig jaar te worden. Het kon tenslotte ‘alleen maar minder worden’. Sportief gezien is aan de top komen zwaar, maar aan de top blijven nog veel zwaarder.

Daarom ben ik trots op wat ik afgelopen seizoen heb gepresteerd. Hard zwemmen op het juiste moment. Een korte opsomming van mijn resultaten in 2013:
- Wereldkampioenschappen Barcelona: goud 50m vrije slag, brons 100m vrije slag, brons 50m vlinderslag, brons 4x100m vrije slag;
- World Cup Eindhoven: wereldrecord 50m vrije slag op de korte baan;
- World Cup Berlijn: Nederlands record 100m vrije slag op de korte baan;
- Europese Kampioenschappen Herning: goud 50m en 100m vrije slag, brons 4x50m wisselslag estafette gemengd.

Ook buiten het bad heb ik me in verschillende opzichten verdienstelijk gemaakt. Zo ben ik officieel ambassadeur van Unicef geworden. Mocht ik mijn opwachting maken in verschillende tv-shows, zoals De Dino Show en RTL Late Night. Met het geld behorende bij de Dagblad van het Noorden-prijs heb ik lokale (Groninger) projecten gesteund, waaronder de zeehondencrèche Pieterburen en de aanleg van een bos bij mijn oude basisschool in Sauwerd. Bovendien heb ik een belangrijke financiële bijdrage geleverd aan de totstandkoming van het eerste Noord-Nederlands kampioenschap Brazilian Jiu-Jitsu.

Het zwemjaar 2013 begon voor mij in januari met een trainingskamp in Thailand. Ik heb verschillende wedstrijden gezwommen over de hele wereld, onder andere in Monaco, Rome, Dubai, Doha en Barcelona. Ik heb zelfs uitstapjes gemaakt naar andere sporten. Samen met mijn teamgenoten hebben we bijvoorbeeld een maand lang serieus geroeid. Om meer rompstabiliteit te krijgen zijn we gaan buikdansen. En om bewuster om te gaan met onze ademhaling hebben we speciale ademhalingssessies gevolgd. Het jaar heb ik op een heerlijk rustige manier afgesloten op Vlieland.

Doelen stellen, goed analyseren en kritisch kijken of ik op schema lig. De concurrentie ligt niet stil (of eigenlijk wel, in het water is dat namelijk de truc om hard te zwemmen…) en daarom zal ik in 2014 meer dan ooit op zoek moeten gaan naar uitersten. Mijn grenzen verleggen. Constant streven naar perfectie. En daarnaast ga ik mijn uiterste best doen om mijn relatie met goede vrienden en familie op een prettige manier te onderhouden; de mensen die mij onvoorwaardelijk steunen als het goed gaat, maar, belangrijker, ook in moeilijke tijden. De juiste balans tussen inspanning en ontspanning, arbeid en rust. Daar komt mijn focus te liggen.

Ik word soms gek van het te pas en te onpas strooien met de term ‘inspirerend’. 2014 wordt hopelijk het jaar waar moed, ambitie en discipline de boventoon gaan voeren. We moeten weer hard werken en bewust genieten van het hele proces. Voor mij persoonlijk begint het jaar goed met – alweer – een trainingskamp in Thailand. “Is dat nou nodig?”, hoor ik u denken. Jazeker!, is het antwoord. Deze winter wordt de basis gelegd voor de topprestaties van komende zomer. En voordat je het weet staan we al in Rio….:-)

Telesport Column: Talent Verzuipt

21-9-2013 | Media, Nieuws, Tijdschriften / Krant

School en sport vormen voor mij een twee-eenheid. Ik was zeven jaar oud toen ik begon met ochtendtrainingen. Mijn broer startte bij zwemclub TriVia en als klein meisje mocht ik meezwemmen. Na de ochtendtraining at ik thuis snel een broodje en ging ik naar school. Zo had ik de hele middag tijd om te spelen.

Ik weet nog goed dat ik in groep 7 van basisschool De Meander in Sauwerd een keer het kringgesprek mocht beginnen. „Ik heb meegedaan aan de Nederlandse minioren kampioenschappen en gewonnen!’’, jubelde ik.

Het jaar daarop moest ik een moeilijke keuze maken. Welke middelbare school werd het? Die waar al mijn vrienden heen gingen? Of de LOOT-school waar ik niemand kende, maar waar ik wel werd geholpen met een (mogelijke) topsportcarrière?

Het werd het tweede. Toen had ik natuurlijk niet kunnen bevroeden dat ik al een jaar na mijn HAVO-examens olympisch goud zou winnen. Gelukkig had ik op tijd de juiste keuze gemaakt om dat doel na te streven. Al ging dat niet zonder slag of stoot.

De keuze voor topsport moet uit jezelf komen. De keuze om dat naast je school te doen ook. Daarvoor is veel discipline nodig. En heel erg veel (en duidelijk) communiceren. In de laatste jaren van de HAVO had ik gelukkig een sportcoördinator met wie ik wekelijks om de tafel zat. Zo maakte ik mijn huiswerk waar mogelijk tijdens de lessen en in tussenuren. Ook gaf ik ruim van te voren aan wanneer ik wedstrijden had of op trainingskamp moest. ‘In januari ben ik op Isla Margarita. En in juni zit ik in Zuid-Korea.’

Als ik klaar was met school, ging ik naar het bad om te trainen. Eenmaal thuis ging ik eten en meteen slapen, want de wekker ging tenslotte om kwart voor vijf. Omdat de Spelen van Peking lonkten, heb ik mijn examens over twee jaar gesplitst. Soms was het een kwestie van improviseren. Zo herinner ik me een trainingskamp op Cyprus, waar ik op de Nederlandse ambassade het examen Engels moest doen.

Na mijn examen en Peking 2008 ben ik verhuisd naar Eindhoven. Ik heb een professioneel team om me heen gebouwd. Of beter: de topzwemmers voor mij hadden dat team uitgezocht en ik mocht daar deel van uitmaken. Ik heb mijn eigen studiekeuze gemaakt en tegenwoordig ben ik mijn eigen baas.

Het lijkt misschien een beetje een sprookje. Maar ik weet als geen ander hoe moeilijk het je soms wordt gemaakt om je dromen na te streven. Kom op die lange weg naar de wereldtop maar eens mensen tegen die hetzelfde tegen sport aankijken als jij.

Ik ben heel blij dat er op steeds meer scholen professionele begeleiding is. Maar nog steeds zijn er in het onderwijs veel leraren die niets van topsport snappen. Tot het moment dat ze op televisie de Olympische Spelen zien…

Onthoud één ding. De winnaars van de toekomst zijn vandaag al keihard aan het werk. Ik ben er van overtuigd dat echte toekomstige toppers zoveel doorzettingsvermogen hebben, dat ze het kunnen opbrengen om ook op school te slagen.

Helaas verzuipen veel talenten nog altijd. Daarom zou ik alle docenten van Nederland willen adviseren om eens wat olympische finales te bekijken. En bedenk goed: misschien zit in uw klas wel de nieuwe Epke of Dorian. Of, wie weet, Messi.

Telesport column: Inspiratie begint bij de jeugd

26-7-2013 | Nieuws, Tijdschriften / Krant, Weblog

’Inspire a generation’ was de slogan tijdens de Olympische Spelen in Londen. Een heel sterke spreuk. Ik ben dan ook zeer teleurgesteld sinds ik afgelopen week hoorde over de positief geteste Jamaicaanse atleten. Hoeveel jonge sporters zijn ineens hun helden kwijtgeraakt? Jacques Rogge zei heel sterk: „Je kunt winnen, maar dat betekent niet gelijk dat je ook een kampioen bent. Als topsporter moet je je verantwoordelijkheid nemen, jezelf en anderen respecteren en die waarden ook uitdragen. Niet alleen voor jezelf, maar ook voor de dromen van duizenden kinderen.”

Zo ben ik op mijn twaalfde enorm geïnspireerd. Als kind heb ik zomers lang met mijn ouders en broer gekampeerd op een Spaanse camping ergens tussen ‘l Estartit en Platja d’Aro. Tot in 2003 de wereldkampioenschappen zwemmen in Barcelona werden gehouden. Wat een uitkomst dat dit toernooi uitgerekend daar plaatsvond, zo dicht bij de vakantiestek van de Kromo’s.

Het tot zwembad omgebouwde stadion waar ik vanaf volgende week zondag ga strijden voor de wereldtitel, is voor mij dus niet helemaal nieuw. Ik was in 2003 twaalf jaar oud. Thuis trainde ik al elke ochtend om zes uur in het Helperbad in Groningen. Echte olympische ambities had ik toen nog niet. ’s Zomers lag ik liever aan de Spaanse costa dan dat ik op zwemkamp was.

Maar dat ene bezoek aan de WK zal ik nooit vergeten. Met oranje gewaden aan en een Hollandse koeienmuts op mijn hoofd zat ik met mijn ouders, oma en broer helemaal boven in het stadion. Tussen de Australische supporters, dat weet ik nog goed. Die groengele supporters met kangoeroeknuffels hebben veel indruk op me gemaakt. Die middag dat ik mocht kijken werden meerdere wereldrecords verbroken. Vol energie en inspiratie reden we na de finales weer terug naar de camping. Als aandenken aan dit toernooi mocht ik van mijn ouders een badmuts en een trainingstas uitzoeken. Die liggen nu zwaar versleten ergens in de kast bij mijn ouders.

„Als ik zelf toch ooit daaraan mee zou mogen doen”, dacht ik tien jaar geleden. En nu sta ik er zelf, nota bene als olympisch kampioene. Geloven in jezelf en vertrouwen hebben in je eigen kunnen. Dat advies geef ik altijd aan de jonge zwemmers. Er is genoeg zwemtalent in Nederland. Dat hebben ’we’ wel bewezen met medailles voor Kyle Stolk, Marrit Steenbergen en Iris Tjonk op de EJK en EYOF. Want ’inspire a generation’ werkt ook andersom. In de WK-ploeg volgen we de prestaties van de jeugd en junioren en reageren we allemaal heel enthousiast en trots als er weer een medaille is behaald.

Op dit moment begint bij mij ook de vorm te komen. Dat heerlijke gevoel, zwemmers noemen dat ’taperen’, heb ik al een jaar niet meer gehad. Het voelt alsof mijn armen en benen twintig centimeter langer zijn dan normaal, dat ik bijna over het water vlieg. De zware trainingsarbeid zit erop. De flow – die straks komt – bereik je door slim te trainen. En te pieken op het juiste moment. Dan moet het als het ware ‘vanzelf’ gaan.

Hoe gaaf zou het zijn als ik het stokje door kan geven? Dat er volgende week jonge zwemmers op de tribune in Barcelona zitten die denken: ’Wow, dat wil ik ook’. Dan ook met oranje gewaden aan en koeienmutsen op. Of, om in olympische sferen te blijven, in een leeuwenpak.

Telesport column: Een steentje bijdragen

7-7-2013 | Nieuws, Tijdschriften / Krant

Als kind droomde ik al van deelname aan de Spelen. En als ik me dat ooit  zou lukken, dan zou ik de olympische ringen laten tatoeëren. Na de Olympische Spelen van 2008 in Peking heb ik dan ook een tattoo laten zetten, maar die ringen vond ik niet leuk meer. In China kwam ik  geregeld het chinese teken voor water tegen. In westers schrift lijkt het op een 1 en een K. Dus toen we in 2008 met de estaffete op de 4 x 100 vrij goud haalden en ik op het scorebord zowel het cijfer 1 als de naam Kromowidjojo zag staan, dacht ik: water, dat wordt het!

Na de Olympische Spelen van Londen is er geen tweede tattoo bijgekomen. Voorlopig houd ik het bij water. Topzwemmers hebben een verbond met water. Water is onze vriend.  Ons doel is om stilstaand water zo snel mogelijk te verplaatsen, zonder belletjes. Niets is zo fijn om in topvorm op het water te liggen. Het gevoel alsof je gaat meezwemmen met een golf in zee. Dat gevoel, samen met de vrijheid die ik krijg van water, maakt zwemmen voor mij zo geweldig.

Over een paar weken komt dat geweldige gevoel weer. Van 28 juli tot en met 4 augustus zijn de wereldkampioenschappen in Barcelona. Voor de oplettende lezer: ik zwem inderdaad op exact dezelfde datums  de 4 x 100, 100 en 50 vrij als een jaar geleden in Londen! En dit keer zwem ik ook de 50 meter vlinderslag.

Maar daar blijft het niet bij. Waar normaal gesproken de vakantie begint na de laatste race, hebben we nu nog een spectaculair toetje: de World Cup in ons eigen zwembad. Op 7 en 8 augustus komen bijna alle wereldtoppers naar Eindhoven om op de kortebaan te profiteren van de WK- vorm. Ik vind het echt supergaaf dat wij in Nederland zo’n groot evenement mogen houden.

De kaartverkoop is nog niet gestart, maar voor lezers die wel eens een zwemwedstrijd willen meemaken is dit echt dé kans. De gehele Nederlandse top zal meedoen. Ik vind het geweldig om te racen voor eigen publiek. Want wat is nou fijner dan zwemmen in het water dat je het beste kent? Maar ik besef heel goed dat niet iedereen de toegang heeft tot schoon water.

Daarom ben ik trots én dankbaar dat ik sinds gisteren officieel ambassadeur ben van Unicef.  Want zelfs in 2013 sterven iedere dag nog 19.000 kinderen. Iedere dag! Vaak door gebrek aan schoon water, terwijl dat voor ons een doodnormale zaak is. Door de vele buitenlandse trainingskampen en wedstrijden weet ik hoe weinig kraanwater veilig is om te drinken. Elke keer weer sjouwen met flessen drinkwater. Doordat ik al sinds 2005 in de nationale ploeg zit en dus al vaak in het buitenland ben geweest, heb ik helaas ook de andere kant van de samenleving gezien. Armoede, werkloosheid, ondervoeding. Hopelijk kan ik hier iets aan veranderen door mijn steentje bij te dragen.

Dat is met het oog op de Olympische Spelen 2016  in Rio een mooie uitdaging, want ook in Brazilie valt nog veel te winnen. De ‘Road to Rio’ is gestart. Ik hoop dat ik de komende drie jaar, naast sportieve prestaties en mooie plaatjes voor de buitenwereld, ook iets moois kan terug doen voor de Brazilianen.

Dus dit wordt mijn goede doel. Liever één ding écht goed, dan honderd dingen half.